Nieuws

Begin tijdig met aflossen schulden bij uw bv en voorkom box-2-heffing

De grens waarboven u over schulden bij uw eigen bv box-2-belasting moet betalen is € 500.000. Hierop wordt een uitzondering gemaakt voor de eigenwoningschuld bij uw bv. Let op: is deze schuld afgesloten na 31 december 2012, dan geldt deze uitzondering alleen als u een hypotheekrecht hebt verstrekt aan uw bv. Onder eigenwoningschuld valt in dit verband alleen de schuld die u bent aangegaan voor de woning die u als hoofdverblijf gebruikt. Bedragen de overige schulden aan uw eigen bv meer dan € 500.000, dan zult u dit jaar moeten aflossen op deze schulden om aan de box-2-heffing te ontkomen. U heeft hiervoor in beginsel nog tot eind 2026 de tijd. Dan controleert de Belastingdienst de schuldenlast bij uw eigen bv.

 Tip

Gaat u een eigenwoningschuld aan met uw eigen bv, zorg er dan voor dat u een hypotheekrecht verstrekt aan uw bv. Anders valt deze schuld niet onder de uitzondering!

26 maart 2026

Tijd dringt voor bezwaar maken tegen WOZ-beschikking 2026

U heeft inmiddels de WOZ-beschikking 2026 ontvangen van uw gemeente. De WOZ-waarde 2026 betreft de waarde van de woning (of het gebouw) op de waardepeildatum 1 januari 2025. Het verdient aanbeveling deze beschikking te (laten) controleren vanwege het grote belang. De WOZ-waarde is immers niet alleen relevant voor de gemeentelijke heffingen, maar ook voor andere belastingen, zoals de inkomstenbelasting en de schenk- en erfbelasting. Bent u het niet eens met de vastgestelde waarde in de WOZ-beschikking, dan moet u binnen 6 weken na de dagtekening van de beschikking daartegen bezwaar aantekenen bij uw gemeente. U kunt geen bezwaar maken bij de Belastingdienst!

Tip

Het is van groot belang dat u uw bezwaar tijdig indient. Is de 6-wekentermijn verstreken en heeft u geen bezwaar gemaakt? Dan zit u een jaar vast aan de vastgestelde waarde voor de gemeentelijke heffingen, maar ook voor de andere belastingen.

24 maart 2026

Tijdig S&O-uren 2025 doorgeven

Heeft u als ondernemer zonder personeel (u heeft geen loonheffingennummer) in 2025 gebruikgemaakt van de regeling speur- en ontwikkelingswerk (S&O-werk) voor uw innovatieve investeringen? Dan komt u mogelijk voor de S&O-aftrek in aanmerking. Deze aftrek bedroeg voor 2025 maximaal € 15.738, verhoogd met € 7.875 als u een starter was. U moet in 2025 wel aan het urencriterium hebben voldaan. Dat wil zeggen dat u in beginsel minimaal 1.225 uren heeft besteed aan uw onderneming. Daarbij heeft u ten minste 500 uur besteed aan speur- en ontwikkelingswerk, waarvoor de RVO een S&O-verklaring heeft afgegeven. Heeft u feitelijk minder dan 500 S&O-uren gerealiseerd? Dan moet u dit uiterlijk 31 maart 2026 doorgeven via het eLoket van de RVO. Als u de S&O-uren niet tijdig heeft doorgegeven, krijgt u eerst een herinnering. Geeft u ook daarna de gerealiseerde S&O-uren niet op aan de RVO, dan wordt ervan uitgegaan dat u geen S&O-uren heeft gerealiseerd. U moet dan de S&O-aftrek terugbetalen, verhoogd met een boete.

Tip

Zorg ervoor dat u uiterlijk 31 maart 2026 uw S&O-uren doorgeeft aan de RVO en voorkom terugbetaling van de S&O-aftrek, verhoogd met een boete.

19 maart 2026

Controleer de voorlopige Wtl-beschikking 2025

Op 15 maart 2026 heeft het UWV de voorlopige berekening Wtl 2025 verstuurd. Daarin staat voor welke werknemers – en tot welk bedrag – u als werkgever recht heeft op het loonkostenvoordeel (LKV). Die berekening is gebaseerd op de aangiften loonheffingen en correcties over 2025, die u tot en met 31 januari 2026 heeft ingediend. Als een aanvraag voor een doelgroepverklaring op 31 januari 2026 nog in behandeling was, staat dit LKV nog niet in de berekening. Controleer de voorlopige berekeningen en dien eventuele correcties op de loonaangiften vóór 1 mei 2026 in bij de Belastingdienst. Heeft u geen voorlopige berekeningen ontvangen van het UWV? Maar denkt u wel recht te hebben op het LKV? Neem dan zo snel mogelijk contact op met het UWV (088-898 92 95).

Tip

Controleer de voorlopige berekening Wtl 2025 en dien eventuele correcties op de loonaangiften vóór 1 mei 2026 in bij de Belastingdienst.

19 maart 2026